Gedragsstudie: Nabijheid van voorzieningen versus verplaatsingsgedrag en woonplaatskeuze

Samenvatting

Een complexe keuze

Deze studie onderzoekt het gedrag van mensen voor hun woonplaatskeuze en verplaastingsgedgrag in relatie tot hun gebruik van voorzieningen.

De focus van het onderzoek ligt op het woongedrag, niet op de werkplaats. De studie bestaat uit een literatuuronderzoek en een belevingsonderzoek. Het literatuuronderzoek geeft een inzicht in de complexe relatie tussen woonplaatskeuze, aanwezigheid van voorzieningen en verplaatsingen naar voorzieningen.

Gedrag en voozieningen

Hoe en hoe gemakkelijk mensen voorzieningen kunnen bereiken, dat hangt af van waar die mensen wonen en welke voorzieningen er daar in de onmiddellijke omgeving zijn. Maar niet iedereen kiest altijd voor de meest nabije voorziening, en niet iedereen verplaatst zich te voet of met de fiets naar een voorziening op wandel- of fietsafstand van zijn woonplaats. Elke persoon heeft zijn eigen typische gedrag, en maakt dus ook zijn individuele keuze voor verplaatsingen naar voorzieningen en voor zijn woonplaats.

Een belangrijk inzicht uit de literatuur is het principe van residentiële zelfselectie op vervoermiddelengebruik: men gaat liefst wonen waar men zich kan verplaatsen met het vervoersmiddel dat men verkiest.

Uit buitenlandse voorbeelden blijkt dat mensen die kiezen voor een autovrije wijk ook gemotiveerd zijn om minder de auto te gebruiken. Ze zijn wellicht minder op zoek naar een parkeerplaats voor de deur.

Drie gedragsbepalende factoren voor woon- en verplaatsingsgedrag  

Het doel van de studie is factoren te detecteren die belangrijk zijn om het woon- en verplaatsingsgedrag te verklaren. De bevolking wordt hiermee opgedeeld in homogene groepen, die men kan kiezen als doelgroep voor een gerichte aanpak voor gedragsverandering. De studie detecteerde drie soorten indelingen in homogene groepen:

  • een indeling gebaseerd op autobezit
  • een indeling gebaseerd op sociaal-demografische factoren
  • een indeling op basis van psychosociale factoren

Het belevingsonderzoek, uitgevoerd met kwalitatieve werkvorm, brengt de verbanden tussen de verschillende factoren van autobezit, sociaal-demografische en psychosociale factoren bij mensen in beeld.

Mogelijkheden voor beleidsvertaling

Doorgaans worden sociaal-demografische factoren gebruikt bij doelgroepenbeleid in het vakgebied van de ruimtelijke ordening. Daarnaast is rekening houden met psychosociale factoren een beloftevolle piste. Sowieso is inspelen op de gedragsbepalende factoren werken aan een kwaliteitsvolle, betaalbare woningvoorraad die voldoet aan hoge eisen, die niet voor iedereen dezelfde zullen zijn.

De transitie die samen gaat met het BRV vraagt vermoedelijk een gedragswijziging, maar het is nog niet duidelijk welk gedrag van welke groep mensen nodig zal zijn. Dit vergt verder onderzoek.

Linken met ander onderzoek

  • Aan deze studie gaat het Belevingsonderzoek Compact Wonen (2020) vooraf, die ingaat op de keuze en beleving van compact wonen. Hoe zijn deze inzichten te benutten bij de uitvoering van de strategische visie van het Beleidsplan Ruimte Vlaanderen?
  • De paper " Behavioural Studies in Spatial Planning" verwerkt inzichten uit beide onderzoeken (publicatie Real Corp Congres, Wenen, 7-9/09/2021).
  • Het lopende onderzoek "Beïnvloeders ten aanzien van woongedrag" behandelt wie en wat mensen beïnvloedt in hun woonkeuzes en hoe dit gebeurt (te publiceren eind 2021).
  • De verkenning van de omgevingsimpact van deelsystemen in Vlaanderen (2020) bestudeert de effecten en de doorbraakkans van verschillende groepen deelsystemen. Dit hangt samen met het aantal gebruikers en met evolutie in gedrag bij bevolkingsgroepen. 

Bronverwijzing

De Maeyer, J., Leroy, S., Timmermans, B., Vermander, M., Fransen, K., Van Eenoo, E., Boussauw, K., & Bambust, F. (2021). Gedragsstudie: Nabijheid van voorzieningen versus verplaatsingsgedrag en woonplaatskeuze. Departement Omgeving, Vlaams Planbureau voor Omgeving.

Meer over dit onderzoek

Contacteer ons

Afdeling Vlaams Planbureau voor Omgeving (VPO)
02 553 83 50 (bereikbaar op werkdagen van 8.30 tot 12.00 u. en van 13.00 tot 17.00 u.)